Historie

Na afloop van de Napoleonistische oorlogen werd de kaart van Europa op het Wener Congres (september 1814 tot juni 1815) door de geallieerden herzien. In het noordwesten vormde de nieuwe Nederlandse staat door de vereniging van de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden een sterke buffer tegen Frankrijk. Deze vereniging hield niet lang stand. In 1830 kwamen de Belgen in opstand tegen vorst en regering en zij riepen hun onafhankelijkheid uit. Geografisch gezien had Maastricht een deel van België moeten worden, maar het garnizoen onder generaal Dibbets bleef trouw aan het huis van Oranje.
In 1839 werd de provincie Limburg tot grote ontevredenheid van de Belgen en Limburgers in tweeën verdeeld, waarbij Maastricht in Nederlandse handen bleef. De vroege negentiende eeuw was een moeilijke tijd voor Maastricht. Er waren ongekend veel armen, wezen, daklozen en de kerkelijke instellingen, die destijds de noden verlichtten, bestonden niet meer. In de noordelijke provincies, waar het katholicisme tijdens de opstand tegen de Spanjaarden aan de kant was gezet, was een groot aantal wereldlijke charitatieve instellingen gesticht met behulp van de rijkdommen,  die door de handel vergaard waren.


Iets dergelijks kende Maastricht in het Burgerlijk Armbestuur, dat de rol van liefdadigheid en ondersteuning van de vroegere kerkelijke instellingen had overgenomen.eerste verschijnselen van de industriële revolutie bespeurde men te Maastricht, toen Petrus Regout zijn zakencarrière begon, aanvankelijk met glasslijpen, vervolgens met het fabriceren van spijkers en tenslotte met het openen van een aardewerkfabriek, de latere Sphinx, waarmee hij fortuin maakte. Anderen volgden het voorbeeld van Regout en Maastricht werd de eerste geïndustrialiseerde stad in Nederland, met onder andere bloeiende aardewerk- en papierfabrieken. 


 Gelegen in het Jekerkwartier kunt u genieten van de oude invloeden die deze vroegere leerlooierbuurt te bieden heeft. De leerlooierij was voor diverse onderdelen van het productieproces afhankelijk van stromend water, waarin werd voorzien door de verschillende Jekertakken in het zuiden van de middeleeuwse stad. De benamingen van de straten in dit kwartier "Grote Looiersstraat, Kleine Looiersstraat en Witmakersstraat" herinneren nog aan de ambachtelijke bedrijvigheid die er van de late Middeleeuwen tot in de 19e eeuw werd uitgeoefend.

Het vroegere leerlooiershuis is omgetoverd naar een knus en gezellig modern hotel. In het hotel kunt u her en der nog enkele verwijzingen ontdekken naar vroeger, maar indien u echt een kijkje wilt nemen in het oude leerlooiervak nemen wij u graag mee naar de kelder. Hier bevinden zich nog grote rechthoekige bakken waarin de huiden gelooid werden.

A&V ict